LICHTBENDE EN DE TOVERLANTAARN

Theatergroep Lichtbende gebruikt de toverlantaarn op een bijzondere manier en laat het publiek ervaren hoe zo’n toverlantaarnvoorstelling werkt. De toverlantaarnspelers staan voor het grote scherm zodat iedereen kan zien wat ze met de oude toverlantaarns en andere projectoren doen. Het resultaat van al die handelingen zie je uitvergroot op het scherm.

 

Lichtbende gebruikt in plaats van traditionele toverlantaarnplaatjes alledaagse voorwerpen en materialen zoals petflessen, kralen, knopen en draadjes. Hiermee worden minipoppen of objecten gemaakt die te bewegen zijn in de toverlantaarn. De manipulatie ervan is als marionettenspel maar dan met minutieuze bewegingen. Het geheel wordt geprojecteerd op een groot scherm waarbij het figuur tot leven wordt gebracht zoals een poppenspeler doet. Doordat de projectielens in de toverlantaarn het beeld spiegelt moeten alle figuren en voorwerpen ondersteboven en in spiegelbeeld in de toverlantaarn bespeeld worden.

 

De muziek blaast er nog meer leven in want in de voorstelling wordt geen tekst gebruikt. Je hoort live een heleboel verschillende en zelfgemaakte instrumenten.

 

Tijdens onze educatieprojecten met kinderen ontdekten we hoe spannend het is om in projecties met afvalmaterialen fantastische projecties op te bouwen en alledaagse voorwerpen tot leven te wekken. Vooral bij de kinderen is de verwondering van de gezichten te lezen als ze ontdekken dat je met snoeppapiertjes een heel kasteel kunt oproepen. We hebben ervaren dat kinderen zelfs de meest abstracte projectiebeelden moeiteloos interpreteren en in een verhaal plaatsen.

Lichtbende maakt ook gebruik van kleine toverlantaarns die in de hand worden gehouden en makkelijk beweegbaar zijn. Dit is een oude Japanse techniek. De toverlantaarn is door de handel in Japan terechtgekomen en vormde daar het begin van de animé.

De Japanse techniek is te zien op Utsushi-e

 

DE GESCHIEDENIS VAN DE TOVERLANTAARN

Lang geleden had je geen film of video, geen televisie en ook geen bioscoop. Toen keken de mensen samen naar een toverlantaarnvoorstelling.

 

 

DE TOVERLANTAARN

 

Bij een toverlantaarn schijnt licht door een glasplaatje met een tekening. Achter het glasplaatje wordt het licht door een lens gebundeld en op de wand geprojecteerd waardoor de tekening daar vergroot zichtbaar wordt.

We noemen die eerste projectoren 'toverlantaarn' omdat de toeschouwers aanvankelijk niet begrepen waar die kleurige beelden vandaan kwamen en dachten dat de lantaarn die plaatjes te voorschijn kon toveren. Een andere naam voor toverlantaarn is Laterna Magica.

 

De oudste toverlantaarn had een kaars of olielampje als lichtbron, een lantaarnplaatje en een projectielens.

Een lens is gemaakt uit hol of bol geslepen glas waardoor licht wordt gebundeld en gespiegeld. Daarom moeten alle toverlantaarnplaatjes ondersteboven en in spiegelbeeld in de toverlantaarn gedaan worden, om de projectie ervan in de juiste stand te zien.

 

CHRISTIAAN HUYGENS

 

De toverlantaarn is rond 1659 uitgevonden door de Nederlandse wetenschapper Christiaan Huygens  (geschiedenis canon) en maakt onderdeel uit van het Nederlands cultureel erfgoed. Hij was een vooraanstaande wis-, natuur- en sterrenkundige uit de Nederlandse Gouden Eeuw. Hij ontwikkelde wetenschappelijke instrumenten met lenzen zoals de telescoop. Ook schreef hij vroege sciencefiction. Christiaan vond zelf de lantaarn niet passen bij zijn status als serieus wetenschapper. Hij kon toen niet vermoeden dat de lantaarn zo’n grote ontwikkeling zou doormaken, van filmprojector tot beamer, die nog steeds op hetzelfde principe werkt.

 

De vader van Christiaan Huygens werkte aan het Franse Hof en bracht de toverlantaarn onder de aandacht van de Zonnekoning. De lantaarn werd daar gebruikt om de koning en de elite te vermaken .

Een schets van een toverlantaarn met 2 lenzen door Christiaan Huygens uit 1694 met van links naar rechts: holle spiegel, lamp, glazen lens, projectie plaatje, andere lens en de wand.

Huygens maakte al eenvoudige bewegingseffecten door snel twee beelden achter elkaar te tonen: een geraamte dat op het volgende plaatje zijn hoofd afneemt. Dodendans naar voorbeeld van Hans Holbein 1659.

LANTAARNPLAATJES

 

Eerst werden in de toverlantaarn glasplaatjes gebruikt waarop een tekening was geschilderd. De plaatjes werden aanvankelijk gemaakt door de toverlantaarnspeler of lantaarnist. Maar ook door instrumentmakers en opticiens, die de toverlantaarns maakten en verkochten. Later werden kunstschilders opgeleid voor het schilderen van platen. Het was een uiterst precies werk want de kleinste foutjes werden bij de projectie uitvergroot.

 

Later werden de plaatjes lithografisch op het glas gedrukt. En weer later werd dit overgenomen door de fotografie. De afbeelding werd direct op het glas afgedrukt en daarna vaak met de hand ingekleurd met waterverf of inkt.

 

Door de platen snel heen en weer te schuiven zie je de beweging van de arm.



Bij deze raderwerkplaat kunnen de molenwieken draaien.

DE TOVERLANTAARNVOORSTELLING

 

Tot de tweede helft van de 18e eeuw werd de toverlantaarn vooral gebruikt door wetenschappers. Later in de 19e eeuw kon iedereen toverlantaarnvoorstellingen zien op de jaarlijkse kermis. Ze werden getoond door Luikerwalen, rondtrekkende toverlantaarnspelers en vertellers afkomstig uit Luik in Wallonië (België).  De toverlantaarn  werd ook gebruikt om lessen te geven. Veel mensen konden toen nog niet lezen en schrijven.  Na de industrialisatie werden ook huiskamervoorstelling gegeven in gewone familiekring.

 

 

SITES EN BRONNEN

www.luikerwaal.com  

Oeuvres complètes

Over het oog en zien

 

p